Vraagtekenrijden

Instantie en vindplaats: Hof Leeuwarden 2002:AE 5197

Vraagteken rijden bij het afslaan naar een rechts gelegen inrit. Wie is aansprakelijk indien achteropkomend verkeer rechts passeert?

Feiten en omstandigheden:

De bestuurder van het motorvoertuig met aanhangwagen stuurt naar links teneinde de rechtsgelegen inrit op te rijden. Daarbij laat hij ruimte voor de motorrijder die niet links kan passeren. De motorrijder wordt volgens de bestuurder van de combinatie daarbij niet opgemerkt. Daarbij is in het geding of de bestuurder van de combinatie zijn voornemen om af te slaan duidelijk kenbaar heeft gemaakt. De motorrijder verklaart dat hij geen richtingaanwijzer heeft gezien. Een buurman van de chauffeur van de combinatie verklaart dat de richtingaanwijzer naar rechts in werking was alvorens de manoeuvre naar links werd ingezet.

Eiser betreft de regres nemende ziektekostenverzekeraar van de duopassagier van de motorrijder.

Overweging rechtbank

Doordat artikel 54 RVV werd overtreden gaat de bestuurder van de combinatie niet vrijuit. Maar door rechts te passeren handelde de motorrijder in strijd met artikel 11 RVV. Vanwege de overtreding van artikel 54 RVV had de afslaande partij de inhaler voor moeten laten gaan. Aan de andere kant valt de inhaler ook een verwijt te maken. Die had niet mogen verwachten dat de combinatie aan de linkerkant van de weg zou gaan stoppen. Als er al onzekerheid zou zijn bij de motorrijder omtrent het rijgedrag van de combinatie-bestuurder dan had het op zijn weg gelegen zekerheid te verkrijgen. Rechts inhalen (in strijd met de wettelijke bepaling van artikel 11 RVV) wordt onder deze omstandigheden als verwijtbaar beoordeeld. Causaal komt het Hof uit op 50/50.

Conclusie:

De voorrangsplicht rust op de vrachtwagen die een inrit oprijdt. Echter het achteropkomend verkeer had daarnaast niet rechts mogen passeren, dus medeschuld. Rechts passeren had men pas mogen indien duidelijk bleek dat de vrachtwagen linksaf zou slaan, dus voorsorteren en richtingaanwijzer naar links aan. De achteropkomende verklaarde geen richtingaanwijzer te hebben gezien.